Wet op de Ruimtelijke Ordening

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Wettelijke voorschriften van de provincie mogen niet in strijd zijn met voorschriften van het Rijk. Ministeriële verordeningen mogen niet in strijd zijn met een AMvB of een formele wet. AMvB’s mogen niet in strijd zijn met een formele wet.
De verhouding tussen nationale wettelijke voorschriften en internationale verdragen is geregeld in art. 94 Gw:
‘Binnen het Koninkrijk geldende wettelijke voorschriften vinden geen toepassing indien deze toepassing niet verenigbaar is met eenieder verbindende bepalingen van verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties.’
In gewoon Nederlands: binnenlandse algemeen verbindende voorschriften mogen niet in strijd zijn met internationale verdragen. De verhouding tussen verdragen, formele wetten enerzijds en de Grondwet anderzijds is geregeld in art. 120 Gw:
‘De rechter treedt niet in de beoordeling van de grondwettigheid van wetten en verdragen.’
Deze bepaling houdt in: Verdragen gaan boven wetten en de Grondwet. Wetten gaan niet boven de Grondwet, maar het is niet aan de rechter om te beoordelen of formele wetten hiermee in overeenstemming zijn.
2.3.2 Uitvoering (bestuur) Wetgeving is geen doel op zich, maar slechts een middel om een ander doel te bereiken, namelijk bestuur van het land. Behalve wetgeving worden voor dit doel nog enkele andere instrumenten ingezet, waarop in hoofdstuk 3 uitvoerig zal worden ingegaan. Op deze plaats kunnen alvast worden genoemd: besluiten, plannen, beschikkingen, privaatrechtelijke flexplek hilversum rechtshandelingen en feitelijke handelingen. Doorgaans worden deze instrumenten ingezet ter uitvoering van wetten. De uitvoering van de wetten is niet altijd mogelijk door simpelweg de algemene regel van de wet toe te passen op een concreet geval. Daarvoor zijn de concrete gevallen te verschillend. Om deze reden spelen tussen de algemene strekking van de wet en de uitvoering van de wetten verschillende bestuursorganen een rol.
• Voorbeeld De wetgever heeft de Wet op de Ruimtelijke Ordening gemaakt. Hierin staat onder meer dat gemeenten bestemmingsplannen moeten vaststellen, die de goedkeuring behoeven van Gedeputeerde Staten van de provincie. De wetgever heeft aan de gemeenteraden de keuze gelaten hoe men de ruimtelijke ordening in de gemeente wil regelen. Het bestemmingsplan is (mede)bepalend voor door burgemeester en wethouders te verlenen bouwvergunningen. Tussen de wetgeving en de toepassing ervan voor een concreet geval (de bouwvergunning) is dus slechts een ver verwijderd verband.
Daarnaast verricht de overheid veel bestuurstaken zonder dat daarvoor een wettelijke grondslag is aan te wijzen.

Dit bericht is geplaatst in Kantoor huren bedrijfsruimte huren. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *